Vanaf 1 maart 2020 geldt een meldingsplicht voor Nederlandse werkgevers die een contract aangaan met een partij uit de Europese Economische Ruimte en Zwitserland voor inlening van personeel in Nederland (detachering). Dit is onderdeel van de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie (“WagwEU”).
Vanaf 1 september 2020 kan de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (“Inspectie SZW”) bij schending van deze meld- en/of de verificatieplicht boetes opleggen. Deze boetes kunnen behoorlijk oplopen.
Wat is de meldplicht buitenlandse dienstverrichters EER en Zwitserland?
Vanaf 1 maart 2020 geldt een meldingsplicht voor dienstverrichters uit de Europese Economische Ruimte en Zwitserland die tijdelijk met hun personeel een dienst komen verrichten in Nederland. Tot de EER behoren alle EU-lidstaten, Noorwegen, Liechtenstein en IJsland.
Dienstverrichters zijn buitenlandse werkgevers die tijdelijk:
• vanuit een multinationale onderneming werknemers detacheren naar een eigen vestiging in Nederland; of
• als buitenlandse uitzendondernemer uitzendkrachten ter beschikking stellen in Nederland.
Zelfstandigen die een tijdelijke opdracht in Nederland komen uitvoeren moeten zich afhankelijk van de sector waarin zij werken ook melden. Dit geldt onder meer voor de bouw, schoonmaak. Metaal, zorg en land- en tuinbouw.
Dienstenontvangers zijn de klanten/opdrachtgevers in Nederland waarvoor de dienstenverrichter of zelfstandige arbeid verricht. Bijvoorbeeld: een Nederlandse onderneming waar tijdelijk een werknemer die werkt bij een onderneming in een ander EER-land of Zwitserland wordt gedetacheerd.
Dienstverrichters en meldingsplichtige zelfstandigen zijn verplicht om hun werkzaamheden in Nederland aan te kondigen. Dit kan online gemeld worden via het meldloket van de Sociale Verzekeringsbank via www.postedworkers.nl. Daarbij moet onder meer melding gemaakt worden van:
• identiteit van de melder;
• bedrijfsgegevens;
• contactpersoon in Nederland;
• gegevens van de dienstenontvanger;
• adres van de werkplek;
• de sector waarin wordt gewerkt;
• de verwachte duur van de werkzaamheden; en
• de identiteit van de persoon die verantwoordelijk is voor de uitbetaling van het loon.
• salarisstroken;
• arbeidstijdenoverzichten;
• A1-formulieren; en
• Betalingsbewijzen.
Deze documenten dienen na beëindiging van de werkzaamheden nog vijf (5) jaar beschikbaar te zijn. De Inspectie SZW kan hiernaar vragen.
Wat zijn de boetebedragen?
Per 1 september 2020 gelden onderstaande boetes. De Inspectie SZW kan deze opleggen.
Andere mogelijke boetes: arbeidsvoorwaarden en omstandigheden
Buiten de per 1 september 2020 geldende boetes voor de schending van de meld- en/of verificatieplicht van gedetacheerde werknemers uit het buitenland gelden ook boetes per overtreding van de minimum arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden. Werknemers die naar Nederland gedetacheerd worden, hebben de eerste twaalf (12) maanden van hun detachering recht op de “harde kern” van arbeidsvoorwaarden en omstandigheden uit zowel de Nederlandse arbeidswetgeving als algemeen verbindend verklaarde cao-bepalingen. Dit zijn onder meer:
• gelijke behandeling van mannen en vrouwen;
• voldoende gezondheid, veiligheid en hygiëne op het werk; en
• het recht op minimumloon.
Conclusie
Buitenlandse dienstenverrichters en zelfstandigen, samen met de Nederlandse dienstenontvangers hebben er een belangrijke administratieve taak bij gekregen in de vorm van de meldplicht bij detachering. Ook gelden er minimum arbeidsvoorwaarden en omstandigheden waaraan moet worden voldaan. Zowel de buitenlandse dienstenverrichter als Nederlandse dienstenontvanger lopen bij niet-nakomen van de verplichtingen een risico op een forse boete.